top of page

FOLLOW ME:

SEARCH BY TAGS: 

RECENT POSTS: 

  • LinkedIn Social Icon

Voorbereiding op straatretraite

  • 20 jun 2016
  • 6 minuten om te lezen

Volgende week, op 30 juni, ga ik op straat retraite. Met een groep van ongeveer 10 andere Upaya residents gaan we 4 dagen op straat leven in Albuquerque. Dat ligt ruim een uur met de auto ten zuiden van Santa Fe. De retraite wordt geleid door Joshin, Upaya's vice-abt. Hij heeft veel ervaring met het doen en leiden van straat retraites. Petra Hubbeling, van de Zen Peacemakers Lage Landen, gaat ook mee. We zullen geen geld bij ons hebben, geen telefoons (behalve Joshin), we zullen niet douchen en geen schone kleren meenemen. We slapen buiten en eten wat ons gegeven wordt, bijvoorbeeld bij organisaties voor daklozen opvang.

Voordat we gaan moet elk van de deelnemers geld inzamelen door mensen te benaderen en te vragen om geld. We gaan een mala maken (een soort rozenkrans van kralen die je om je pols draagt), waar elke kraal hoort bij een persoon die je ondersteunt. Derhalve wil ik ook jullie, mijn lieve lezers, vragen om een bijdrage.

Zo'n verzoek is natuurlijk vrij ongebruikelijk. Dus laat me proberen wat uit te leggen over wat we gaan doen door een aantal vragen te beantwoorden waarvan ik me kan voorstellen dat die bij sommigen van jullie spelen.

Straat retraite? Wie heeft dat nou bedacht?

Het idee (en de 'regels' van de straat retraite) komen van Bernie Glassman Roshi. Hij is Roshi Joan's zen leraar and dus mijn dharma-grootvader. Hij heeft het boek Bearing Witness geschreven (in het Nederlands: Erkennen wat is), waarin hij straat retraites beschrijft, net als de Auschwitz retraites.

Is het veilig?

Uiteraard is veiligheid van de deelnemers erg belangrijk. Daarom zijn er straat retraite 'regels'. Bijvoorbeeld zullen we nooit alleen zijn. Wanneer we niet met de hele groep samen zijn verdelen we ons over kleinere groepjes. en paar keer per dag komen we allemaal samen, voor meditatie, het delen van ervaringen en het doen van een zen ceremonie. We slapen ook altijd samen.

Maar waarom in hemelsnaam?

Om uit te leggen waarom we op straat retraite gaan zal ik eerst iets schrijven over het Boeddhisme.

Volgens de overlevering groeide de Boeddha op in een prachtig, comfortabel paleis, dat omheind was door muren zodat hij geen contact had met de buitenwereld. Zijn spirituele zoektocht begon pas toen hij uiteindelijk wel de paleismuren verliet en geconfronteerd werd met een zieke, een bejaarde en een dode. Deze ervaringen maakten een diepe indruk. Zozeer zelfs dat hij zijn vertrouwde, comfortablele leven niet verder kon leiden. Hij ging op zoek naar antwoorden. Hoe kunnen we omgaan met het lijden van het leven? is er een andere manier van omgaan met dat lijden mogelijk? Kunnen we bevrijd worden van dat lijden? Of misschien zelfs bevrijd worden door het lijden?

Dus, de startpunten van het Boeddhisme zijn lijden en het niet uit de weg gaan van lijden. Onze gebruikelijke manieren van omgaan met lijden gaan meestal over het vermeiden van lijden. In zekere zin is dat normaal; wie wil er nu lijden? Echter, het leidt er bijvoorbeeld ook toe dat in onze samenleving de dood zo veel mogelijk weggemoffeld wordt. En dat kan niet kloppen, want de dood hoort bij het leven. Bovendien, deze neiging om lijden onder het tapijt te houden wordt gezien als contraproductief: het houdt ons gevangen in onze normale manieren van omgaan met leiden en het leven. Daarom raadt Machik Labdron (en Pema Chodron) ons het volgende aan:

"Biecht je verborgen fouten op.

Beweeg toe naar wat je weerzinwekkend vindt.

Help hen waarvan je denkt dat je ze niet kunt helpen.

Alles waar je aan gehecht bent, laat het los.

Zoek waar je bang voor bent op."

En gisteren las ik toevallig (een oudere versie van) de 14 precepts die Thich Nhat Hanh gebruikt voor zijn 'Order of Interbeing' . De vierde luidt:

"Do not avoid [NL: vermeiden] contact with suffering [NL: lijden] or close your eyes before suffering. Do not lose awareness [NL: bewustzijn] of the existence of suffering in the life of the world. Find ways to be with those who are suffering by all means (...). By such means, awaken yourself and others to the reality of suffering in the world."

Mensen die op straat leven zijn vaak diegenen die de maatschappij achterlaat of uitspuugt. Diegenen die niet (goed) voor zichzelf kunnen zorgen of die zich niet aan de spelregels van de maatschappij kunnen of willen houden. De losers and de misfits. Hoe gaan we met hen om? Gaan we met hen om? Of gaan we liever zo weinig mogelijk met hen om? Vaak is dat het makkelijkst: wegkijken wanneer een bedelaar om geld vraagt. Waarom is dat? Omdat we ons er ongemakkelijk door voelen? Is het makkelijker om hen de schuld te geven van hun situatie? Omdat ze zich niet houden aan de regels waarvan we vinden dat wij en anderen zich eraan te houden hebben?

Ik dacht dat zen over stilte en kalmte ging?

Nou, tot op zekere hoogte misschien. Voor de meditatie zoeken we doorgaans inderdaad tamelijk rustige en vredige plekken op en tijdens de meditatie lijkt het alsof we ons afsluiten voor de wereld. En dat is niet helemaal onwaar, zou ik zeggen. Echter, vaak leiden zulke uiterlijk rustige omstandigheden tot substantiele innerlijke onrust. Of misschien is het correcter om te zeggen dat we ons veel bewuster worden van de onrust en moeilijkheden die er al waren, maar waar we door al onze afleidingen weinig zicht op hadden. In meditatie kunnen we leren om op een andere manier met deze moeilijkheden en worstelingen om te gaan: er gewoon mee te zitten, zonder ze weg te drukken of er door overspoeld te raken. Om ze te kunnen bekijken vanuit een rustig en kalm zien. Zodat ze uit kunnen razen en op den duur hun kracht verliezen. Zo kan ons innerlijk landschap rustiger en harmonieuzer worden en kunnen we hopelijk ook de buitenwereld met meer rust, balans en hart tegemoet treden.

Gaan jullie daklozen helpen?

Nou, nee. Of niet direct, in ieder geval. Misschien helpt onze open aandacht al een beetje, en wie weet waartoe deze ervaring de deelnemers later zal insipreren. Maar nee, daklozen helpen is niet waarom we de straat opgaan. Waar het ons om gaat is om iets te ervaren van wat leven op de straat inhoudt. Overigens in het volle besef dat onze ervaring iets heel anders is dan de ervaring van de mensen die dag in, dag uit op straat doorbrengen: wij hebben aangename douches, schone kleren, smakelijke en voedzame maaltijden en lekkere bedden om naar terug te keren.

Gaan jullie je als daklozen voordoen?

Nee. We doen niet alsof. Wanneer we met daklozen praten (wat wel gaat gebeuren, bijvoorbeeld omdat we elkaar tegenkomen op plekken waar we eten kunnen krijgen) en ze vragen waarom we er zijn zijn we eerlijk en proberen we zo goed mogelijk uit te leggen waarom we daar zijn. Bovendien, ze zullen aan ons al kunnen zien dat we geen echte daklozen zijn. Opeens is daar een groepje van 10 vooral witte mensen die er veel te gezond uit zien om dakloos te zijn...

Is dat dan niet beledigend voor de echte daklozen?

Dit wordt mijn eerste straat retraite, dus ik weet het niet echt. Maar wat ik hoor en lees is dat het tegendeel vaak waar is. De meeste daklozen waarderen het dat we ons interesseren voor hun leven, dat we met ze praten, ze serieus nemen en met waardigheid behandelen (hopelijk).

Je vraagt mensen om geld, maar je gaat zonder geld de straat op... Waar gaat dat geld dan naartoe?

Het geld wordt gedoneerd aan organisaties in Albuquerque die de daklozen helpen, en van wiens generositeit wij gebruik zullen maken voor eten, drinken an andere zaken tijdens onze tijd op de straat. Aan het einde van de retraites bepalen alle deelnemers samen aan welke organisatie(s) we ons geld willen geven.

Een andere reden waarom we om geld vragen is omdat daklozen dat ook moeten doen. Voor de meesten van ons is om geld vragen heel lastig, en het brengt een hoop in ons boven (wat gevraagd worden om geld overigens natuurlijk ook kan doen). Op de straat zullen we waarschijnlijk ook bedelen, wat een gelegenheid geeft om onze trots los te laten en onze behoefte om onafhankelijk te zijn en om het allemaal zelf te (moeten) kunnen. Weer een mogelijkheid om toe te bewegen naar wat we weerzinwekkend vinden...

Hoe kan ik bijdragen?

Als je een finaciele bijdrage wilt leveren kan dat door geld over te maken naar mijn rekening. Mijn IBAN is NL63 RABO 0322 3646 47 t.n.v. Willem Woertman. Vermeld dan s.v.p. in de omschrijving 'straat retraite'.

Uiteraard is er nog veel meer te zeggen over straatretraites, maar voor nu houd ik het hierbij. Mocht je meer willen weten, zie dan Bernie Glassman's boek of deze BOS uitzending over hem.

In een latere post op deze blog zal ik schrijven over mijn ervaringen tijdens de straat retraite. Ik zal ook schrijven over de organisatie(s) waaraan we ons opgehaalde geld hebben gedoneerd en wat die voor de daklozen in Albuquerque doen.

 
 
 

Opmerkingen


  • LinkedIn Social Icon
bottom of page